De Top-of-Holland Vogeldag wordt gesponsord door:
Inezia Tours - Vogelreizen, natuurreizen en meer...
         Verhalen van de Top Of Holland Vogeldag 2010
Thijs Fijen - winnaar derde prijs tijdens de TOH Vogeldag 2010

Al twee keer eerder hadden we meegedaan met een ToH-vogeldag met een gedeelte van ons vaste groepje van 5. Iedere keer zijn we voor een zo lang mogelijke lijst gegaan en dat wilden we dus ook dit jaar weer gaan proberen. Vorig jaar hadden we een persoonlijk record van 147 soorten zonder echte voorbereiding en zonder de nacht door te halen. Dit jaar hebben we nog minder voorbereiding gedaan, dus moesten we het doen op onze beperkte kennis. Een extra drijfveer voor vogelen was dit jaar een ultieme hoofdprijs: een Leica ultravid 10x42 kijker! Daarnaast waren er ook een camera en 3 overnachtingen in een vogelaarslodge in Ecuador te winnen.

Om 6 uur in de morgen hadden Toy, Alwin en ik afgesproken op onze vaste koffie- en carpoolplek bij het tankstation bij Staphorst. Om 6.12 reden we dan daadwerkelijk Drenthe binnen en konden we de soorten gaan tellen. Ons ‘logische’ rondje zou als volgt gaan: eerst naar Diependal, dan naar het Aekingerzand, Fochteloërveen, dan het Lauwersmeergebied in en daarna zien we wel. Dus allereerst naar Diependal en aan de hut te zien waren we de eerste, alle kijkgaten waren nog dicht. Deze plek levert ons altijd wat leuke soorten op zoals Roerdomp, Roodhalsfuut en wat rietvogels. De Blauwborst gaf zich echter niet thuis. Het weer was wat miezerig en grauw, maar toch besloten we om zangvogels bij het Aekingerzand te gaan proberen. Volgens ons de perfecte locatie om veel zangertjes op een enkele plek te scoren. Daarnaast is het natuurlijk ook een geweldig gebied met het stuifzand! Het struinen over het veld levert ons uiteindelijk toch een welkome en leuke soort op: een vrouwtje Beflijster vliegt roepend voor ons uit. Na een uurtje hadden we toch veel zangertjes binnen kunnen koppen en zo sta je dan al om 8:30 met ruim 70 soorten op zak!

Met de bedoeling om naar de kijkhut bij Ravenswoud te gaan kijken, rijden we die kant op. Onderweg zien we een natuurontwikkelingsgebied met wat leuke plasjes en heuveltjes. Langzaam rijden en af en toe stoppen levert een Groenpoot, Kleine Plevier en Oeverlopers op. Bij het laatste plasje komt er vanuit het oosten een Zeearend aangevlogen die vrij dichtbij langs de auto komt. Het is een erg lichte vogel met een rommelig kleed. Snel wat foto’s gemaakt en Toy gevraagd of hij de waarneming meteen op internet wil zetten. Doorgeven van de waarneming was namelijk een van de vereisten om die Leica te winnen. Op het moment zeiden we nog gekscherend: ik hoop niet dat dit de soort van de dag blijft, maar momenteel is hij dat wel! Tot onze verbazing kwamen we toen uit midden in het Fochteloërveen en dus niet bij Ravenswoud. Waar ‘verdwalen’ toch niet goed voor is. Onder het motto ‘nu we er toch zijn’ rennen we het gebied in voor Paapje. Boomvalk en eventueel een Slangenarend laten we maar links liggen nu het inmiddels wat harder begint te regenen. In de kijkhut van Ravenswoud vindt Alwin al snel de volgende leuke soort van vandaag: een Kraanvogel staat ver weg, rustig te foerageren.

Tja, daar sta je dan met je goede gedrag... een beetje vogelen in het grauwe, koude en natte noorden. Echte opstekers waren de buienradar die zei dat het in het Lauwersmeergebied toch echt droog moest zijn en de lijst die inmiddels de 90 gepasseerd is! Onderweg naar het Lauwersmeergebied moeten we voor ons gevoel toch nog ergens een bos in om die Fluiter te zoeken. In het eerste het beste bos - wat het Blauwe Bos bleek - dat we zagen was het al meteen raak. Een uitslover zat mooi en hard te zingen.

Via een omweg (truckrun) komen we aan de zuidkant van het Lauwersmeer het gebied binnen. De Kwelderweg was alleen open voor bestemmingsverkeer, maar ja we moesten toch echt aan de andere kant zijn. Met veldjes checken met hoop op een Morinelplevier of een (kleine) Goudplevier komen we bij de Pomp aan waar we ook weer een rondje lopen. Onderweg worden er Morinelplevieren gemeld, die ik persoonlijk toch liever zelf had gevonden. Nou ja, twitch-and-go dan maar. Zo gezegd, zo gedaan en hoewel het toch echt hele mooie vogels zijn, gaan we allemaal liever zelf vogelen. In het Jaap Deensgat was het beter toeven dan de week ervoor en zo hebben we er bijna een uur doorgemaakt. Op de terugweg naar de auto komen we er achter dat we alle drie onze telefoon met alerts in de auto hebben laten liggen. Natuurlijk hebben we de piep gemist en lezen we nu dat er een Blonde Ruiter is ontdekt. Leuke soort, helaas ook soort van de dag... (daar gaat mijn Zeearend ;)). Omdat we toch nog steeds aan de lange lijst willen werken, racen we naar Tetjehorn om daar een Blonde Ruiter te zien plus enkele bonussoorten die we achteraf anders niet hadden gehad zoals Temminck’s en Snor. De reis werd weer ingezet op weg naar Achter de Zwarten. Het was wel duidelijk dat het hoog water was, want er stonden vrij veel steltlopers. Helaas konden we er niks uit halen.

Inmiddels begon de tijd enigszins te dringen en zo spoedden wij onze weg verder richting de Ezumakeeg, met onderweg de Kustweg, de veerhaven en de jachthaven welke een aantal soorten opleverden. De aanwezige Roodhalsgans konden we op dat moment niet in de Bantpolder vinden, maar toen we in de Keeg waren, kregen we alsnog te horen dat hij er wel zat. Terug dus maar om ook deze soort binnen te tikken. Ondertussen waren ongeveer 30 vogelaars bezig om in de Keeg een Amerikaanse Wintertaling en Grauwe Franjepoot te zoeken, maar deze 60 ogen kregen het klusje niet geklaard. Min of meer gezamenlijk reisden we af naar Oudwoude, alwaar een biertje en buffet ons te wachten stond.

Inmiddels hadden we onze lijst geteld en kwamen we tot een aardig aantal van 139 soorten. Niet slecht op deze regenachtige dag zonder voorbereiding. Tijdens de prijsuitreiking bleek dat de langste lijst uit 158 soorten bestond. Toch een aantal meer dan wij. Ook bleek dat mijn Zeearend toch echt een goede soort bleek te zijn. De 3e prijs, drie overnachtingen in de Wildsumaco Lodge in Ecuador waren voor mij. Nu nog maar sparen voor een ticket naar Ecuador en wie weet zoeken ze nog iemand die een stageplek nodig heeft?
Dusan Brinkhuizen - Het verhaal van de pechvogels

De Top-of-Holland Vogeldag op 8 mei 2010, daar keken we samen naar uit. Main target: de kijker winnen, daar gaan we voor! Ik (Dusan) was nog twee dagen in Nederland voordat ik terug zou reizen naar Ecuador.  Een goede (backup) verrekijker kan ik goed gebruiken dacht ik bij mezelf (verrekijkers zijn “priceless” in Zuid-Amerika). Mijn broer Lazar en ik kennen de provincie Groningen op ons duimpje en ons plan was om te focussen op de onbekende plekjes (inclusief Tetjehorn). Eerst maar even het Hondshalstermeer checken voor Witwang- en/of Witvleugelstern, dan naar Tetje. Hadden we dat maar anders gedaan!

Eenmaal aangekomen bij Tetjehorn waren we de eersten. Echter, een groepje van vier birders kwam lettelijk hollend achter ons aan!? “Wat moet dat hier”, dachten we bij onszelf. Anyway, bij het eerste plasje (op 40m) vloog een steltje op. Ik had de vliegende vogel in de kijker terwijl die haastig van ons afvloog en links het gebied in verdween.

“Dat leek wel een Blonde Ruiter”, zei ik tegen mijn broer. Kleur en formaat deden mij aan de soort denken en bovendien dacht ik vaag een donker “maantje” op de ondervleugel gefantaseerd te hebben. Allemaal “wishfull thinking”, een typisch verschijnsel bij vogelaars die graag willen, dacht ik bij mezelf. Mijn broer en ik keken elkaar aan en begonnen te lachen.
“ 'T zal wel een blonde Kemphaan geweest zijn”, zeiden we in koor.

We liepen het gebied verder in. Op dat moment kwamen groepjes vogelaars van alle kanten aanzetten: Het groepje van vier stringers uit een klein rood autootje. Oceanodrama met señor Bot en kornuiten (die konden het blijkbaar niet aan zee stringen) en nota bene ook nog Edwin met z’n Veenstekers. Wat moet dat allemaal hier? Das toch niet normaal? Da's abnormaal!

Eenmaal met z’n allen bij elkaar toch even aardig tegen elkaar geweest. Martijn was zelfs zo vriendelijk om ons op de foto te zetten met “het” veldje van Tetjehorn op de achtergrond. Het regenachtige weer plus de infiltratie in ons territorium deed ons besluiten om naar een ander plekje te gaan. Al teruglopend naar de auto hebben we kort nog even staan babbelen met de Veenstekers. “We hebben net een Blonde Ruiter uit een kooitje losgelaten”, was de grap van Lennaert.

We waren net bij “Maxima” ons oranje busje aangekomen toen het mobieltje van Lazar overging. “Nee toch, das Martijn, wat heeft die nou weer”? Lazar keek me aan met een blik in z’n ogen die ik nooit meer zal vergeten: “ze kijken NU naar een BLONDE RUITER”. Das toch niet te GLEUVEN!!?? Gelukkig wist ik me nog net te beheersen, maar die wilgjes naast ons busje hebben echt geluk gehad... Het was zelfs zo erg dat m’n broer en ik eerst helemaal geen zin hadden om 100m terug te lopen voor de vogel.

Op dit moment zit ik “tranquillo”  thuis in Quito dit verhaaltje af te schrijven. Geen 8x42 Leica verrekijker maar wel een memorabel vogelverhaal. Daar doe je het toch voor? In ieder geval is de Brinkhuizen Bird Bus (BBB) volgend jaar weer van de partij en nemen we een adult zomer Amerikaanse Oeverloper voor jullie mee!

P.S. blijf scherp ook al denk je dat je staat te stringen!
 
Luuk Punt - van oude soorten en nieuwe oorkondes

Zaterdag 31 mei 2008
Omdat we deel nemen aan de  “Top-of-Holland-Birding-Race” vertrekken we (Frank van Duivenvoorde, Ben Wielstra, Wouter Teunissen en ondergetekende) rond vier uur richting het Lauwersmeergebied. De bedoeling van deze race om op zaterdag 31 mei van 00.00 tot 19.00 uur met verschillende teams/deelnemers zoveel mogelijk vogels te zien in de drie noordelijke provincies: Drenthe, Friesland en Groningen. Het gaat om de langste daglijst en de ontdekking van de meest zeldzame soort. Een echte uitdaging dus!

Zo gauw we via de A6 bij Lemmer de provincie Friesland inrijden, wordt de turflijst te voorschijn gehaald en worden de eerste soorten genoteerd. Tegen half zeven arriveren we op de parkeerplaats bij Bungalowpark Suyderoogh waar we eerst even het cafeïnetekort aanvullen. Bij de ingang van het park zit een gekraagde roodstaart te zingen. Even later arriveert Sjaak Schilperoort, die op Camping De Pomp heeft gebivakkeerd en ons al lekker maakt met verhalen over wakker gezongen worden door wielewalen en zomertortels. We lopen het terrein van het bungalowpark op waar we tot onze verbazing een sijsje horen. Even later zien een prachtig mannetje in de bomen zitten. Een stukje verderop vliegt een ijsvogel voor ons langs. Na vijf minuten staan we voor een sloot en blijkt dat we niet verder kunnen richting het gebied met de intrigerende naam “Achter de Zwarten”. Het  GPS-apparaat van Sjaak biedt uitkomst.
Als we door het Ballastplaatbos lopen, worden we begeleid door minstens twee zingende wielewalen en zien we een prachtige bruine vorm koekoek in een struik zitten.
Helaas is het nogal heiig en dat maakt het afspeuren van de op redelijk grote afstand liggende slikplaten en plassen bij Achter de Zwarten er niet gemakkelijker op. Naast de te verwachten soorten vinden we onder andere een paartje pijlstaart, wat dwergmeeuwen, een groenpootruiter, een zwarte ruiter, kemphanen en twee zomerkleed goudplevieren. Op de terugweg door het bos scoren we nog twee appelvinken.

Aangekomen bij de Ballastplaat zien we hoe een onvolwassen zeearend richting noord vliegt. Een mooie waarneming, die we ook maar even doorgeven aan Martijn Bot, een van de organisatoren van de “Top-of-Holland-Birding-Race”. Nadat we op verschillende plaatsen langs de oostkant van het Lauwersmeer zijn gestopt, lopen we naar de vogelkijkhut bij het Jaap Deensgat. Hier staan twee prachtig grote zilverreigers in broedkleed hun veren te poetsen en kunnen onder andere kolgans, lepelaar en zomertaling op de lijst worden bijgeschreven.

Mijn “bolide”, een Suzuki Wagon R, wordt afgetankt in de Haven van Lauwersoog. Terwijl ik tank, schuimen de anderen het terrein af. We willen net weer instappen als Sjaak roept: “Hebben jullie de zwarte roodstaart gehoord?” Dat hebben we niet en we stappen dus weer uit. Na een minuut of vijf heeft de vogel zich nog niet laten horen. Precies op het moment dat we zeggen “laten we maar gaan” begint de vogel weer te zingen! Bij de parkeergarage bij het “Veer Lauwersoog-Schiermonnikoog” zingt even later nog een zwarte roodstaart. Voor de sluizen wordt alleen de eider (2v, 1m) aan de daglijst toegevoegd. We rijden naar de Bantpolder waar een prachtige Noordse stern als eerste door Ben, die waar hij ook is altijd op “zeevogels” let, wordt opgepikt. Verder zien we hier de enige tapuit van de dag. De wandeling over het buitendijkse gebied bij Paessens levert niet de hoeveelheden steltlopers op waar we op hoopten, maar we kunnen toch zilverplevier, kanoet, rotgans en rosse grutto aan de daglijst toevoegen. In het dorpje zelf zingt een groenling.

Dé steltloperplek van het Lauwersmeergebied, de Ezumakeeg, ligt er ten opzichte van twee weken geleden een stuk rustiger bij. Het waterpeil is een stuk lager, woordoor grote stukken slik echt zijn opgedroogd. Wellicht zijn er hierdoor er heel wat minder steltlopers, dan de afgelopen periode. Er zijn nog wel behoorlijk wat bontbekplevieren, verder vinden we wat nieuwe soorten voor de daglijst: krombekstrandloper, kleine strandloper en bosruiter. Bij het noordelijk gedeelte wordt de eerste watersnip van de dag gezien. Ook scharrelen hier twee zomerkleed kleine strandlopers, een kanoet en drie goudplevieren (waarvan één nog praktisch helemaal in winterkleed) rond. Een Noordse stern zit af en toe op een slikplaat en vliegt ook op enkele meters over onze hoofden.

Op een gegeven moment valt Frank’s oog op een verre steltloper, die er toch wel wat anders uitziet dan het andere spul dat er rondscharrelt. Gauw worden alle kijkers gericht. We zien een ranke steltloper, die slanker oogt dan een tureluur. Het beestje heeft een lang gerekt achterlijf, (wat vooral opvalt als hij foerageert), een heel fijne, rechte snavel en lange poten. “Poelruiter” wordt er geopperd, maar als de vogel opvliegt, zien we een witte, vierkante stuit en geen lange, smalle rugwig. Ook zien lange vleugels met donkere handpennen en dan vallen de puzzelstukjes op zijn plaats: kleine geelpootruiter! Wat een klapper op een dag als vandaag! De adrenaline knalt door onze lijven!

Gelukkig komt de vogel dichterbij gevlogen en kunnen we de slanke hals en de lange vleugels met de donkere hand- en (binnenste) armpennen zien. De vogel landt op zo’n vijftig meter afstand en we zien nu ook de witte vlekjes op de bovendelen, de vaag gestreepte borst en de gele poten waar het beestje zijn naam aan heeft te danken. We hebben ruim een minuut de tijd om nog wat details op de “harde schijf” op te slaan en om wat bewijsplaatjes te maken. Dan vliegt de vogel op en verdwijnt in zuidelijke richting. Hij lijkt in te vallen in het gedeelte tussen Ezumakeeg-Noord en –Zuid. Terwijl we daar heen scheuren wordt snel het semafoonbericht samengesteld en piep ik de vogel.

Helaas kunnen we de kleine geelpootruiter niet terugvinden, maar een kwartier later brengen David Uit de Weerd en Hans Pohlmann uitkomst. De vogel blijkt heel “sneaky” doorgevlogen te zijn naar het zuidelijke deel van het gebied en loopt daar op grote afstand te foeageren. Gelukkig is de kleine geelpootruiter op “jizz’ nog wel te herkennen en kan hij in de loop van middag nog door behoorlijk wat mensen worden getwitcht. Echt een supergave ontdekking waarvoor de credits horen bij de nestor van ons gezelschap: Frank van Duivenvoorde! We blijven nog een tijdje staan om met de samengestroomde vogelaars het beestje te bekijken en wat bij te praten. Dan vervolgen we onze “Birding Race”. We rijden naar Camping De Pomp, maar de zomertortels waar we op hoopten worden niet gevonden, wel zingen er twee spotvogels en een roodborst. Een wandeling naar de Kollumerwaard waar eerder vandaag een woudaap was gehoord levert soorten als staartmees, boompieper en grauwe vliegenvanger op voor de daglijst. Een woudaap zelf wordt niet gevonden. Terug bij de parkeerplaats maakt Wouter ons opmerkzaam op een prachtig paapje.

Uiteindelijk keren we nog even weer terug naar De Keeg. De kleine geelpootruiter blijkt nog steeds aanwezig te zijn, maar de grote afstand in combinatie met de warmtetrilling maakt het waarnemen er nu niet gemakkelijker op. Terwijl we nog even naar het noordelijk gedeelte rijden, waarschuwt Sjaak me met knipperende lichten. Snel zet ik de auto aan de kant. Sjaak wijst ons op een witgatje dat net is ingevallen in een slootkant. De vogel laat zich even leuk bekijken, maar besluit dan op te vliegen. Gezien de tijd van het jaar een leuke waarneming!
We sluiten de dag af bij het noordelijke gedeelte van de Ezumakeeg. De Noordse stern is nog steeds aanwezig en laat zich echt geweldig mooi bekijken, maar het meest genieten we van een groepje kemphanen dat druk aan baltsen is.

Op de terugweg wordt de stand van “Top-of-Holland-Birding-Race” opgemaakt: we hebben in het Lauwersmeergebied maar liefst 119 soorten waargenomen met natuurlijk als de topper de kleine geelpootruiter! Later die avond blijkt dat we daarmee ook nog eens de prijs voor beste vondst hebben gewonnen! Fantastisch!

Prijsuitreiking Top of Holland Vogeldag 2008
Op de avond van 24 mei 2010 krijgt het bovenstaande verhaal nog een leuk vervolg. Terwijl Frank van Duivenvoorde en ondergetekende met een slordige honderd vogelaars bij Kootwijkerbroek staan te wachten op zingen van een dwergooruil worden we door Martijn Bot (rechts) bijna twee jaar naar dato alsnog gehuldigd voor de ontdekking van de kleine geelpootruiter tijdens de Top of Holland Vogeldag 2008. Frank (midden) en ik (links) nemen mede namens Sjaak Schilperoort, Wouter Teunissen en Ben Wielstra de felbegeerde oorkonde met veel plezier in ontvangst.
(Zie ook het blog van Luuk Punt.)
Lang verwacht, niet gedacht, toch gekomen: Oorkonde voor het vinden van de soort van de dag in 2008!
Zomertaling - Vogeldag 2008 - Luuk Punt
Ezumakeeg - Vogeldag 2008 - Luuk Punt
Noordse Stern - Vogeldag 2008 - Luuk Punt
Baltsende Kemphanen - Vogeldag 2008 - Luuk Punt